SAP MDG: “Intended to be extended"?
Ronald den Otter - SAP Master Data Governance Consultant
Is clean core mogelijk bij gebruik van SAP MDG ?
Er wordt vaak gezegd dat SAP MDG (Master Data Governance) gemaakt is om aangepast te worden, alsof standaard SAP MDG nooit kan voldoen aan de wensen en eisen van een organisatie en maatwerk dus altijd noodzakelijk is.
In deze blog worden de mogelijkheden beschreven die organisaties hebben om te voldoen aan de clean core strategie bij het gebruik van MDG.
Wat is een clean core?
Veel ERP-systemen raken na verloop van tijd complex door maatwerk, niet of onvoldoende gedocumenteerde aanpassingen en moeilijk te onderhouden integraties. Daardoor wordt het systeem minder flexibel, duren upgrades langer en stijgen de kosten.
De clean core aanpak helpt dit op te lossen. Deze stimuleert het gebruik van standaardprocessen die aansluiten bij best practices en het toepassen van strategische aanpassingen alleen daar waar differentiatie echt nodig is.
Door processen te standaardiseren kunnen organisaties eenvoudiger overstappen naar de SAP Business Suite, inclusief SAP Public Cloud.
Clean core draait om het minimaliseren van maatwerk in het ERP-systeem, het standaardiseren van processen en het verplaatsen van aanpassingen naar moderne, cloud gebaseerde platformen. Zo blijft het ERP-systeem stabiel, eenvoudig te upgraden, kosteneffectief en klaar voor innovatie.
Een clean core strategie helpt bedrijven om:
Wendbaarder te worden. Minder complexiteit betekent sneller reageren op veranderingen.
Lagere kosten te realiseren. Minder maatwerk maakt upgrades eenvoudiger en goedkoper.
Innovatie te versnellen. Nieuwe SAP features kunnen zonder grote risico’s worden ingevoerd.
Betere datakwaliteit te waarborgen. Een gestandaardiseerd ERP-systeem zorgt voor betrouwbaardere data, essentieel voor AI en analyses.
Uitbreidingen t.b.v. differentiatie; het clean core level concept
Een clean core betekent niet dat er geen aanpassingen mogen zijn. Waar een organisatie moet of wil afwijken van best practices of standaardprocessen, kan gebruik worden gemaakt van gestandaardiseerde uitbreidingen die de kern van het systeem onaangetast laten.
Om te bepalen hoe goed een uitbreiding binnen het clean core concept past, heeft SAP vier niveaus gedefinieerd (A, B, C, en D), waarbij ook wordt gekeken naar stabiliteit bij upgrades en de architectuur.
Door deze aanpak kunnen uitbreidingen veel nauwkeuriger worden beoordeeld dan alleen “clean” of “niet clean”. De hoofdregel blijft echter dat SAP BTP (Business Technology Platform) de voorkeursplek is voor uitbreidingen, omdat dit het hoogste niveau ondersteunt. Tegelijk erkent deze classificatie dat veel systemen complex zijn en helpt het klanten om hun eigen tempo en route te bepalen in hun clean core reis.
De belangrijkste gedachte blijft: houd uitbreidingen los van de standaard SAP-code, zodat upgrades veilig en soepel kunnen worden uitgevoerd.
De vier clean core niveaus
SAP raadt aan te streven naar het hoogst mogelijke clean core niveau, maar begrijpt dat bedrijven soms meer flexibiliteit nodig hebben.
In dat geval kan het clean core niveau worden verlaagd naar niveau B, waarbij wordt geaccepteerd dat dit een stap terug is, maar wel één die ruimte biedt om aan specifieke eisen te voldoen. Hieronder vallen objecten en uitbreidingsmogelijkheden, die expliciet door SAP zijn geclassificeerd als klassieke API’s (Application Programming Interfaces), ook al is er geen formele upgradegarantie. Denk bijvoorbeeld aan veel oudere API’s, user exits, BAdI’s (Business Add-Ins) en bestaande technologieën binnen het SAP‑platform, zoals de SAP GUI (Graphical User Interface) en de ABAP List Viewer Grid.
SAP heeft een tool ontwikkeld om te bepalen wat onder niveau B valt en wat wordt geclassificeerd als klassieke API: de Cloudification Repository.
De vier clean core niveaus uitgelegd
Een niveau lager, niveau C, bevat objecten die uitsluitend bedoeld zijn voor intern gebruik door SAP en dus niet door klanten of partners. Denk aan interne ABAP klassen, tabellen en functiemodules. Hoewel ze technisch gezien gebruikt kunnen worden, zijn ze niet vrijgegeven of ondersteund en garandeert SAP geen (upgrade) stabiliteit. SAP noemt dit niveau “Conditionally Clean”, omdat uitbreidingen onder bepaalde voorwaarden mogelijk zijn zonder de upgrade stabiliteit van het systeem onnodig te riskeren.
Hoewel dus niet aanbevolen door SAP, worden ze echter wel veel gebruikt in maatwerk. Daarom gaat SAP een ‘Changelog for SAP Objects’ introduceren om klanten te informeren welke interne objecten SAP heeft gewijzigd waardoor ze mogelijk niet meer naar verwachting werken na een upgrade, zodat hier tijdig op geanticipeerd kan worden.
Tot slot is er niveau D: not clean core. Hieronder vallen alle klantaanpassingen, die gebruikmaken van niet-aanbevolen SAP objecten of ontwikkelpatronen, zoals het klassieke ABAP maatwerk (Z-code) en modificaties. Deze maken het systeem niet toekomstbestendig en bemoeilijken een overgang naar de cloud.
En hoe zit het met (partner) add-ons? Deze kunnen extra functionaliteit bieden die passen binnen een clean core, mits ze het certificaat ‘SAP-certified for Clean Core with SAP S/4HANA Cloud’ hebben.
Is clean core een IT feestje?
Organisaties die gebruikmaken van SAP S/4HANA on-premise of private cloud, komen vroeg of laat voor de vraag te staan: hoe blijft het ERP‑landschap flexibel, upgrade‑veilig en toekomstbestendig?
Het antwoord van SAP is helder: clean core. De impact van deze transformatie gaat echter verder dan alleen de techniek. Het is een strategische beweging die de hele organisatie raakt, waarbij standaardisatie het sleutelwoord is.
Door te standaardiseren ontstaat o.a.:
Betere datakwaliteit
Meer uniformiteit tussen verschillende bedrijfsonderdelen
Minder fouten en afwijkingen
Voorspelbare doorlooptijden
Betrouwbare rapportages en analyses
Betere schaalbaarheid
Clean core en MDG
Met de introductie van MDG Cloud Ready Mode in SAP S/4HANA 2023 heeft SAP een grote stap gezet richting een clean core binnen het MDG-domein. Cloud Ready Mode brengt strengere randvoorwaarden met zich mee: alleen aanpassingen die upgrade bestendig zijn, worden ondersteund. Deze modus is echter niet voor iedereen de juiste keuze, omdat deze alleen geschikt is voor het beheren van zakenpartners. Meer informatie is te vinden in deze blog: https://www.avelon.nl/nieuws-blog/whats-new-in-sap-master-data-governance-on-sap-s/4hana-2023
Organisaties die MDG Classic Mode gebruiken en toekomstbestendig willen blijven, moeten daarom goed nadenken over hun maatwerkstrategie. Er moet een balans worden gevonden tussen functionele eisen en toekomstvastheid.
Aanbevolen aanpassingsaanpak
SAP adviseert de volgende aanpak binnen de clean core filosofie:
Key User In‑App Extensibility
Aanpassingen in Fiori apps die standaard mogelijk zijn. Key users kunnen zelf aanpassingen doorvoeren, zoals het toevoegen van velden.Side‑by‑Side Extensibility
Maatwerk en uitbreidingen die buiten de S/4HANA kern worden ontwikkeld, bijvoorbeeld op SAP BTP.Classic Extensibility
Klassieke uitbreidingen welke alleen ingezet worden als de alternatieven niet voldoen, bijvoorbeeld BAdI’s, enhancement points en custom code.
Drie soorten uitbreidingen
De volgende blog van SAP geeft handvatten bij het bepalen van de beste methode: https://community.sap.com/t5/technology-blog-posts-by-sap/recommendation-best-practice-for-sap-master-data-governance-extensibility/ba-p/14282866.
Validaties en derivaties
Om de datakwaliteit te verbeteren, worden vaak validaties en derivaties gebruikt.
De beste clean core opties hiervoor zijn BRF+ (Business Rule Framework Plus) en MDG DQM (Data Quality Management), omdat deze zonder ABAP code worden gebouwd en onder clean core niveau A vallen. Meer informatie hierover is te vinden in deze blog: https://www.avelon.nl/nieuws-blog/masterdata-optimaliseren-met-dqm-derivations.
Wanneer deze niet volstaan, kunnen de Validatie en Derivatie BAdI’s worden gebruikt. Hiermee kan complexere logica worden gebouwd. Van deze BAdI’s wordt aangenomen dat ze onder niveau B vallen, mits ze worden gebruikt zoals SAP bedoeld heeft.
Cloudification Repository Viewer
Conclusie: “Intended to be extended”?
Is SAP MDG daadwerkelijk zo ontworpen dat het eenvoudig kan worden aangepast aan specifieke behoeften? De MDG Classic Mode biedt inderdaad de nodige mogelijkheden om aanpassingen te doen, daar waar die in de Cloud Ready mode meer beperkt zijn.
Maar wellicht is de vraag ‘Intended to be extended? niet de juiste. De voordelen van een clean core en standaardisatie zijn namelijk groot, voor IT én de business. En dus is het beter om de vraag te stellen: ‘Extend or not extend?’.
Als standaard SAP niet kan voldoen aan bepaalde wensen of eisen en een aanpassing nodig is, weeg dan goed de business voordelen af tegen de nadelen van de aanpassing en gebruik het SAP clean core concept om hierin weloverwogen en consistente keuzes te maken.
Meer informatie
Voor meer informatie over SAP MDG of clean core, neem gerust contact op met Sander van der Wijngaart. Hij denkt graag mee over de inzet van SAP MDG in het kader van de clean core strategie binnen jouw organisatie.
Gerelaterde posts